James J. McKenna is Professor Biologische Antropologie en staat aan het hoofd van het 'Moeder en baby slaaplaboratorium' aan de Universiteit van Notre Dame, Indiana, VS.
Website: http://www.nd.edu/~alfac/mckenna
- Richtlijnen voor veilig slapen met baby's
- Wat is de geschikte slaapverdeling voor mij en m'n baby?
- Samen slapen en verstikking; is er kans dat ik op m'n kind rol?
- Wat zijn de voordelen van samen slapen met een baby?
- Wat zijn de effecten van samen slapen op de lange termijn voor mijn baby?
- Zal ons kind sneller doorslapen als ze bij ons in bed ligt?
- Reflecties op slaaponderzoek
Dit artikel gaat over veilig slapen van baby's in omstandigheden van alleen slapen zowel als samen slapen (in hetzelfde bed als volwassenen). James J. Mckenna, Ph.D. is professor biologische antropologie en directeur Mother-Baby Sleep Laboratory, University of Notre Dame.
Hieronder heb ik een aantal zaken samengevat en toegelicht die zorg verdienen als je je eigen beslissingen maakt over waar en hoe je baby zou kunnen slapen.
1) Wat behelst een “veilige slaapomgeving”, ongeacht waar een baby slaapt?
a) baby's horen te slapen op stevige, schone oppervlakken, zonder rook in de buurt, onder lichte (comfortabele) dekens en hun hoofd hoort nooit bedekt te zijn. In het bed horen geen knuffelbeesten of kussens rond het kind en het kind moet ook nooit boven op een kussen te slapen worden gelegd. Schapenvachten of ander los, luchtig of pluizig materiaal en vooral met korrels gevulde matrassen moeten nooit gebruikt worden. Waterbedden kunnen ook gevaarlijk zijn en de matrassen moeten strak tegen het bedframe aan liggen. Baby's horen nooit te slapen, met of zonder volwassenen, op banken of sofa's waarin ze vast kunnen komen te zitten met hun gezicht in een spleet of tegen de rugkant van de bank.
2) Samen slapen in een bed: het is belangrijk je bewust te zijn dat bedden voor volwassen niet ontworpen zijn om de veiligheid van baby's te garanderen.
b) in het geval van samen slapen in een bed, zijn ideaal gezien beide ouders het er mee eens en voelen zich goed bij dit besluit. Elke persoon in het bed stemt er mee in dat hij of zij gelijkelijk verantwoordelijk is voor de baby en erkent dat de baby aanwezig is. Mijn gevoel zegt dat beide ouders zichzelf horen te zien als de primaire verzorger. (Noot van red.: vaders zijn zich desondanks soms minder bewust van de baby dan de moeder, dus liefst de baby naast de moeder aan de vrije kant.)
c) baby's jonger dan een jaar horen niet samen te slapen met een broer of zus – maar altijd met een persoon die verantwoording kan nemen voor de aanwezige baby;
d) personen onder de invloed van pijnstillers, medicijnen of drugs, of die dronken zijn – of uitermate moeilijk wakker te krijgen zijn, horen niet samen te slapen op hetzelfde oppervlak als de baby.
e) heel lang haar van de moeder moet bij elkaar gehouden worden om verstrengeling rond de baby's nek te voorkomen – (ja, het is echt gebeurd!)
f) Extreem dikke personen, die niet voelen waar precies of hoe dicht bij hun baby is, zouden de voorkeur kunnen geven aan de baby te laten slapen naast hen maar op een apart oppervlak.
g) Het is belangrijk te beseffen dat de fysieke en sociale omstandigheden waarin baby en ouder samen slapen plaats vindt, in al z'n verscheidenheid aan vormen, kan en zal bepalen wat de risico's of voordelen zijn van deze praktijk. Wat er gebeurt in bed is wat er toe doet.
h) Het kan belangrijk zijn te overwegen of reflecteren op of je zou denken dat je baby gestikt is door jou, als volgens het onwaarschijnlijkste scenario, je baby aan wiegendood is overleden terwijl het in je bed sliep. Net zoals een baby aan wiegendood kan overlijden in een slaapomgeving vrij van bekende risico's terwijl het alleen slaapt, blijft het mogelijk voor een baby te overlijden in een risicovrije omstandigheid van samen slapen/delen van bed. Zorg er in ieder geval voor, zoveel als mogelijk, dat je dat niet zou aannemen, als de baby zou overlijden, dat of jijzelf of je partner zou denken dat samen slapen in een bed had bijgedragen aan de dood, of dat een van jullie werkelijk (per ongeluk) de baby heeft verstikt. Het is het waard daar over te denken.
Ik raad geen enkele ouder een bepaalde manier van slapen aan, omdat ik niet de omstandigheden ken waarin de betreffende ouders leven. Wat ik wel aanraad is elke mogelijke keuze te overwegen en zo geïnformeerd mogelijk te raken als mogelijk is, terwijl je wat je leert vergelijkt met wat je denkt dat het beste in jullie gezinssituatie kan werken.
Er is niet één bepaalde manier om je baby al te laten slapen voordat je zelf gaat slapen, en hoe goed een aanpak werkt, wordt zoals zo vaak bepaald door factoren die horen bij elk gezin en baby in het bijzonder (temperament, gevoeligheid, enz.), Die factoren zijn niet bekend bij iemand die advies geeft of de 'deskundige'. Hou in gedachten dat jij je baby beter kent dan wie ook. Informeer jezelf goed, neem je eigen beslissing en voel je daar goed bij.
Hoe jij en andere verzorgers zich voelen over privacy en afscheiding, of het dichtbij zijn van je baby, zelfs wanneer je baby slaapt, maar jij nog wakker bent, en de fysieke omstandigheden in je huis, dat kan verschil maken in wat voor benadering of aanpak het beste werkt. Als voorbeeld, sommige ouders die veel later naar bed gaan dan hun baby voelen zich prettiger als de baby in de buurt wordt gehouden, op een plek waar de baby gemakkelijk gezien of gehoord kan worden of gecontroleerd worden. In deze gevallen wordt de baby niet echt naar bed gedaan, in de betekenis van in een aparte kamer te slapen gelegd worden, waar verder alle contact verbroken is. De ouders leggen de baby eerder in een wiegje in een open gang of in de woonkamer, dichtbij genoeg om een soort informele 'controle' mogelijk te maken.
Interessant genoeg vallen pasgeboren en oudere baby's makkelijker in slaap omgeven door gezinsgeluiden dan in stilte zoals in het algemeen wordt gedacht. Dit komt waarschijnlijk omdat de baby zich veiliger voelt als ze een verzorger - of iets - vlakbij bezig hoort. Het kan altijd dat een luide tv of een actief stel zussen en broers de baby het slapen onmogelijk maken - maar in het algemeen is het moeilijk een baby wakker te houden als hij of zij slaperig is. Maar je kan zelf beoordelen hoe storend het geluidsniveau kan zijn.
Sommige ouders kiezen er voor hun baby in een aparte kamer te leggen met de deur dicht, waar zintuiglijke toegang tussen baby en ouders (en andere gezinsleden) niet mogelijk is of onwaarschijnlijk. Mijn voorkeur is nooit de deur te sluiten tot een kamer met een baby omdat baby's de slaap vinden als ze het nodig hebben, en ze zijn niet biologisch of psychologisch geschikt om in complete sociale isolatie te slapen. Er zijn ouders die het geruststellend vinden om een babyfoon in de kamer te zetten, wat prima is, behalve dat het passender zou zijn de versterkers om te wisselen. Dat wil zeggen, pomp het gezinsgeluid de babykamer in, laat de baby de ouders, broers en zussen beluisteren, in plaats van andersom. Minstens vijftig jaar aan onderzoek naar menselijke ontwikkeling laat zien dat baby's positief reageren op fysieke en mentale zintuiglijke signalen (geluid, zicht, reuk, aanraking, beweging) van anderen wanneer ze 'voelen' dat ze niet alleen zijn. We mogen aannemen dat extern sociaal geluid jonge kinderen een gevoel van veiligheid geeft - of iets verwants aan dat een baby denkt “het is fijn te weten dat er iemand in de buurt is, mocht ik ze nodig hebben”.
Beweren dat een ouder NOOIT op een baby kan gaan liggen zou onverantwoord zijn, maar het zou even onverantwoord zijn te beweren dat een kind nooit kan omkomen als het meerijdt in de auto of als het alleen slaapt in een bed met een veel te zachte matras of in een bed met spijlen waar het zijn hoofdje kan doorsteken. De eventuele voordelen van reizen met de auto of alleen slapen (als de ouders dit verkiezen) kunnen toch benut worden als het gevaar aanzienlijk wordt verminderd door in elke situatie aandacht te geven aan de nodige veiligheidsmaatregelen. Als je kind meerijdt in de auto maak je het op de juiste manier vast in een goedgekeurd autozitje en rijd je niet onder invloed (van alcohol of drugs). Zo is het vervoer met de auto het relatief kleine risico dat autorijden inhoudt wel waard.
Geen enkele slaapomgeving van een baby is vrij van gevaar. In verband met samen slapen (het bed delen) is het wetenschappelijk bewezen dat zowel moeder als baby er biologisch en psychologisch voor gemaakt zijn om naast elkaar te slapen met als doel nachtelijke borstvoeding en getroost worden. Hoewel bedden zelf niet veel veranderd zijn, is dit zeker wel het geval voor de manier waarop moeder en kind samen slapen. Dit is echter niet ten voordele gegaan van de gezondheid van baby en moeder noch van de overlevingskansen van de baby. Samen slapen van ouder en kind in combinatie met nachtvoeding kan vele vormen aannemen en het blijft de te verkiezen "normale" slaapmethode voor moeders en baby's voor verschillende soorten. In de wereldwijde etnografische rapporten wordt vrijwel nooit melding gemaakt van moeders die per ongeluk hun baby verstikken tijdens het slapen, behalve in de westerse geïndustrialiseerde landen. Maar in het overgrote deel van deze gevallen kan men de sterfgevallen verklaren door gevaarlijke omstandigheden en heeft het niets te maken met het samen slapen zelf.
Ik zal verder uitweiden over wat wetenschappelijk bewezen is.
Antropologische- en ontwikkelingsstudies voeren aan dat moeders en baby's ervoor gemaakt zijn om op elkaars aanwezigheid te reageren. Er bestaan geen gegevens die aantonen dat moeders de nabijheid van hun baby niet kunnen voelen. Als moeder en kind met het oog op borstvoeding samen slapen in een veilige slaapomgeving kan de baby niet verstikken. Slaapstudies van samenslapende moeders en zuigelingen (2 tot 4 maanden oud) die we uitvoerden in ons eigen lab onthulden dat zowel de borstvoedende moeders als hun baby's gedurende de nacht – en tijdens alle stadia van de slaap - zeer gevoelig zijn voor de bewegingen en fysieke conditie van de ander. Gezonde baby's, waar de meeste baby's toe behoren, kunnen het zelf bemerken als bijvoorbeeld hun luchtdoorgang wordt geblokkeerd. Ze kunnen dan zeer alert reageren door de moeder te waarschuwen voor het eventuele gevaar en ze hebben de fysieke mogelijkheden om zich, onder normale omstandigheden, van het gevaar weg te bewegen. Dit gezegd zijnde, zijn er enkele aspecten die geleerden dwingt om zeer op hun hoede te zijn aangaande samen slapen en/of in hetzelfde bed slapen. Deze aspecten zijn niet alleen de moderne samenleving en de objecten waarop we slapen maar ook de sociale en fysieke omstandigheden in welke er samen wordt geslapen en dit vooral bij mensen in stedelijk gebied in minder positieve economische omstandiheden. De waarheid is dat er geen eenduidig resultaat (goed of slecht) is dat geassocieerd kan worden met samen slapen in de vorm van het bed delen, maar eerder een scala van effecten (van potentieel heilzaam tot gevaarlijk en riskant) die afhangen van de omstandigheden waarin wordt samen geslapen.
Bijvoorbeeld, de toestand van het slaapoppervlak – het bed (in westerse culturen) - de toestand en geestestoestand van de volwassen meeslaper(s) en het doel van het samen slapen zijn erg belangrijk voor het vaststellen van de relatieve veiligheid, gevaren of eventuele voordelen van het slapen met je baby of kind. Tijdens de vele jaren dat ik moeders en baby's bestudeerd heb tijdens het samen slapen herinner ik me geen enkel moment dat een moeder - onder veilige sociale en fysieke omstandigheden en zich ervan bewust dat haar kind bij haar in bed lag - haar kind heeft verstikt. Maar net zoals voor andere aspecten van de kindertijd geldt dat belangrijke voorzorgen genomen moeten worden als gezinnen ervoor kiezen samen te slapen. Samen slapen zou bijvoorbeeld vermeden moeten worden als de moeder rookt (zowel tijdens de zwangerschap als daarna) omdat het roken van de moeder gecombineerd met samen slapen de kans op wiegendood vergroot. Er bestaan bewijzen dat toevallige verstikking kan gebeuren en ook effectief voorkomt bij het samen slapen.
Echter, in het overgrote deel van de gevallen (soms in 100% van de onderzochte gevallen) waarbij er sprake is van een echte verstikking door een volwassene, is er sprake van zeer onveilige slaapomstandigheden of waren er situaties waar de volwassenen er zich niet bewust van waren dat de baby bij hen in bed lag, of de volwassen bedpartner was dronken of had drugs gebruikt of stond onverschillig tegenover de aanwezigheid van de baby. In zulke gevallen is er vooral kans op verstikking als ouder en kind samen op een bank of sofa slapen.
In mijn eigen werk benadruk ik dat er een onderscheid moet worden gemaakt tussen de inherente beschermende en heilzame aard van de moeder/kind co-slapen/borstvoeding context en de omstandigheden (van de moeder en de fysieke omgeving) waarin men samen slaapt – die kunnen namelijk variëren van zeer veilig tot onveilig en riskant. Terwijl het samen slapen van moeder en kind biologisch geëvolueerd is, is het verstandig eraan te herinneren dat dit bij bedden niet gebeurd is. Of het kind nu slaapt in een eigen bed of in het ouderlijk bed, de matras moet hard zijn en hij moet stevig tegen het hoofdeinde passen zodat de baby 's nachts niet in een gat kan vallen met het gezicht naar beneden en zo verstikken. Door het voortdurende contact met andere lichamen gaat de lichaamstemperatuur van de baby stijgen en dus moet men de baby niet te warm aankleden en moet men letten op de temperatuur van de slaapkamer. Als de kamer al warm is (hoger dan 21°) moet je de baby niet bedekken met zware dekens, lakens of iets anders. Een goede test is kijken of je het zelf lekker warm hebt. Als dat zo is heeft de baby het waarschijnlijk ook warm genoeg.
Ik zou ook niet met een baby samen op de bank slapen want ik ken teveel gevallen waar de baby's met het gezicht tussen de kussens gleden en tegen de achterkant van de bank geperst werden, of waar ze met hun gezicht naar beneden in het achterste deel van de bank terechtkwamen en zo verstikten. Persoonlijk zou ik samen slapen in een waterbed ook vermijden, hoewel ze soms wel stevig genoeg zijn en geen diepe spleten hebben (tussen ombouw en matras) zodat ze veilig lijken. Een baby mag nooit op een kussen of met het hoofd onder een deken slapen. Als een andere volwassene mee in bed slaapt moet deze persoon er zich bewust van zijn (of er bewust van gemaakt worden) dat er een baby aanwezig is, en men mag nooit zomaar aannemen dat de andere volwassene weet dat er een baby aanwezig is. Ouders moeten met elkaar overleggen of ze er beiden mee akkoord gaan dat de baby bij hen in bed ligt. Ik stel altijd voor dat als ouders ervoor kiezen samen met hun baby in bed te slapen elke ouder (en niet slechts eentje) erin toestemt verantwoordelijk te zijn voor de baby. Zulk een beslissing van beide slaapouders vergroot de aandacht voor de aanwezigheid van het kind.
Peuters of kleine kinderen zouden niet in het ouderlijk bed naast de baby mogen slapen want peuters kennen het gevaar van verstikking niet. Het is ook veiliger om een baby en een peuter niet samen te laten slapen in hetzelfde bed.
Ten slotte, hoewel het geen leuk onderwerp is, denk ik dat het altijd belangrijk is het volgende te overwegen: als je kind toch sterft door wiegendood terwijl hij naast je slaapt, zou je dan aannemen dat je het kind hebt verstikt of zou je weten dat dat niet zo is en dat het kind is gestorven onafhankelijk van het feit dat je er naast sliep? Als je niet kan geloven dat wiegendood kan voorkomen bij het samen slapen of samen slapen gepaard met borstvoeding, zoals het ook kan voorkomen bij perfect veilige slaapomstandigheden, dan is het misschien beter dat je kind naast je slaapt op een ander oppervlak in plaats van in je bed. Wat je ook beslist, het is belangrijk dat je de mogelijkheid onderkent, hoe ver en ondenkbaar zo'n scenario ook moge zijn. Dat wiegendood ook kan voorkomen als je op een veilige manier samen slaapt, borstvoedt en zorgt voor je baby, maakt deze vraag het waard om er met je partner over te praten.
Laat me eindigen met een positieve noot: onder veilige omstandigheden zou samen slapen op stevige matrassen bij niet-rokende moeders met als doel borstvoeding te geven wel eens de meest ideale vorm van samen slapen kunnen zijn waar zowel moeder en baby van kunnen genieten. De baby krijgt meer moedermelk en zowel moeder als baby komen aan meer slaap toe – twee conclusies die uit ons eigen onderzoek voortkwamen.
Voordelen kunnen enkel afgewogen worden met het oog op hoe ouders denken over het feit dat hun kind dicht bij hen is – of naast hen, en kunnen slechts in positieve zin berekend worden als ouders weten hoe ze veilig kunnen samenslapen. Sommige voor de hand liggende voordelen: de baby weet dat je er bent en kan zo emotioneel en fysiologisch op een gunstige manier reageren.
Baby's zullen vaker drinken met minder verstoring van moeders slaap – zowel baby als moeder zullen meer rust krijgen in vergelijking met borstvoedingsbaby's die alleen slapen – zoals aangetoond werd door recente studies. Recent onderzoek heeft ook aangetoond dat baby's vaker wakker worden, maar voor kortere periodes dan als de baby apart zou slapen – en ze slapen minder diep, wat goed zou zijn voor baby's die moeilijk wakker worden. (Red: dit vermindert zo de kans op apneu en wiegendood volgens o.a. W. Sears)
Baby's huilen duidelijk minder als ze samen slapen wat betekent (theoretisch gezien toch) dat ze meer energie kunnen steken in hun groei, onderhoud en weerstandsysteem. Vaker borstvoeden dat gepaard gaat met samen slapen kan ook vertaald worden in minder ziekte. Ook de aanmaak van moedermelk neemt toe.
De nabijheid van de baby laat de ouders toe om te reageren op veranderingen bij de baby – als hij bijvoorbeeld zou stikken of moeilijk zou ademen. De nabijheid van de ouder maakt het aannemelijker dat, als de baby aan het vechten is om zichzelf te bevrijden van de dekens over zijn hoofd, de ouder erbij is en er iets aan kan doen. Werkende moeders die zich schuldig voelen dat ze niet genoeg tijd met de baby doorbrengen tijdens de dag, kunnen zich beter voelen door het 's nachts voeden en zo in contact te zijn met hun baby. Daardoor kunnen, moeder net zoals vader, weer de relatie met hun baby versterken. In de juiste gezinsomgeving kan samen slapen zeer goed zijn voor moeder, vader en baby.
Terwijl voorstanders van het alleen laten slapen van een kind wat voor voordeel dan ook van het alleen slapen al hebben geclaimed, is feitelijk geen van deze veronderstelde voordelen als waar aangetoond door wetenschappelijke studies. Het ironische is dat de voordelen van het alleen slapen van een kind niet alleen NIET zijn aangetoond – gewoonweg aangenomen voor waar, maar dat recente studies beginnen het tegenovergestelde aan te tonen. Bijvoorbeeld, het is niet het alleen slapen dat sterke onafhankelijkheid, sociale vaardigheden, veel eigenwaarde, goed gedrag bij kinderen op school, mogelijkheid om met stress om te gaan, sterke geslachts identiteiten bevordert– maar het zijn juist de sociale of samenslapende patronen die, inderdaad, kunnen bijdragen aan het bovenkomen van deze karakteristieken.
Denk bijvoorbeeld eens na over:
· Heron's (1) recente dwarsdoorsnede studie van Engelse kinderen uit de middenklasse toont aan dat er bij de kinderen die 'nooit' in hun ouders bed slapen, er een trend was in het moeilijker beheersbaar zijn, minder gelukkig zijn en meer woedeaanvallen hebben. Bovendien is hij er achter gekomen dat deze kinderen, die nooit in bed mochten slapen bij hun ouders, uiteindelijk banger waren dan kinderen die altijd de hele nacht bij de ouders sliepen (1).
· In een onderzoek onder volwassenen van college leeftijd, melden Lewis en Janda (2) dat mannen die samen met hun ouders sliepen vanaf de geboorte tot hun 5de jaar, een duidelijk grotere eigenwaarde hadden, minder schuldgevoelens en gevoelens van onrust hadden, en zeiden vaker sex te hebben. Jongens die tussen hun 6de en hun 11de jaar bij hun ouders sliepen waren ook zelfverzekerder. Voor vrouwen werd het samen slapen in hun jeugd geassocieerd met minder ongemak betreffende lichamelijk contact en genegenheid als volwassenen. Alhoewel deze trekjes vervormd kunnen worden door de houding van ouders, gaan zulke conclusies duidelijk in tegen het volksgeloof dat samen slapen verwoestende effecten op de psycho-sociale ontwikkeling heeft op de lange termijn.
· Crawford (3) ontdekte dat vrouwen die als kind samen met de ouders in 1 bed hadden geslapen, zelfverzekerder waren dan vrouwen die dit niet hadden gedaan. Samen slapen lijkt inderdaad zelfverzekerdheid, zelfvertrouwen en intimiteit te stimuleren, waarschijnlijk een weerspiegeling van een houding van het door de ouders geaccepteerd worden (Lewis en Janda, 1988).
· Een studie onder 86 ouders van kinderen in kinderziekenhuizen en in de kinderpsychiatrie (2 – 13 jaar) op militaire bases (de kinderen van militairen), onthulde dat kinderen die met hun ouders in 1 bed sliepen meer waardering voor hun gedrag kregen van hun leraren dan de kinderen die alleen sliepen, en dat samenslapende kinderen minder vaak tot de psychiatrische patienten behoorden dan kinderen die alleen sliepen. De schrijvers merken op: "Tegen de verwachtingen in bleek dat de kinderen die voorheen geen professionele hulp hadden gehad in verband met emotionele- of gedragsproblemen, vaker samen met de ouders sliepen dan de kinderen waarvan bekend was dat ze psychiatrische hulp hadden gehad, en waarvan de ouders zeiden dat ze zich minder snel aanpasten. Dezelfde conclusie werd getrokken in een geval van jongens die men 'Oedipus overwinnaars' zou kunnen noemen (bijvoorbeeld jongens van drie jaar en ouder die met hun moeder naar bed gingen als de vaders er niet waren) – een conclusie die lijnrecht tegenover de traditionele analytische gedachte staat"(4).
· Nogmaals, in Engeland kwam Heron (1) tot de conclusie dat het juist de alleenslapende kinderen waren die onhandelbaarder waren (zo zeiden de ouders), en die minder stress-bestendig waren en die bestempeld werden als meer (niet minder) afhankelijk van hun ouders dan de kinderen die wel bij de ouders in bed sliepen!
· En bij de grootste en waarschijnlijk meest systematische studie tot nu toe, uitgevoerd onder 5 verschillende etnische groepen uit zowel Chicago als New York, betreffende meer dan 1,400 onderzochte deelnemers, vond Mosenkis (5) veel meer positieve dan negatieve resultaten bij volwassenen die als kind bij de ouders hadden geslapen, onder bijna alle etnische groepen (Afrikaanse Amerikanen en Portoricanen in New York, Portoricanen, Dominicanen en Mexicanen in Chicago). Een erg robuuste bevinding die alle etnische groepen betrof opgenomen in de studie, was dat mensen die samen sliepen een gevoel van tevredenheid met het leven vertoonden. Maar Mosenkis' grootste ontdekking ging veel verder dan het vinden van makkelijke gevolgtrekkingen tussen de manier van slapen en de karaktertrekken of ervaringen van volwassenen. Waarschijnlijk was zijn belangrijkste ontdekking dat de interpretatie van de 'uitkomst'van het samen slapen gezien moest worden in de context van elk specifiek milieu, en in de context van de aard van de sociale relaties die het kind met zijn familieleden heeft! Voor het grootste deel is het daarom waarschijnlijk waar dat noch sociaal slapen (samen slapen) noch alleen slapen als kind direct met iets samenhangt. Sterker nog, de manier van slapen kan het soort relatie dat een kind in het dagelijks leven heeft bevorderen of verergeren, en daarom kan geen enkele 'functie' geassocieerd kan worden met de manier van slapen. In plaats van aan te nemen dat de manier van slapen een bepaald soort 'type' persoon produceert, is het waarschijnlijk beter om de manier van slapen te zien als onderdeel van een groter systeem van genegenheid, en dat het voornamelijk dit grotere systeem van attachment relaties is, samengevoegd met de speciale eigenschappen van het kind, die de volwassen karaktertrekken bepaalt.
Referenties
1. Heron P. Nonreactive CO-sleeping and Child Behavior: Getting a Good Night's Sleep All Night Every Night. Masters Thesis, University of Bristol, Bristol, United Kingdom , 1994
2. Crawford, M. Parenting practices in the Basque country: Implications of infant and childhood sleeping location for personality development. Ethos 1994, 22;1:42- 82.
3. Lewis RJ, LH Janda. The relationship between adult sexual adjustment and childhood experience regarding exposure to nudity, sleeping in the parental bed, and parental attitudes toward sexuality. Arch Sex Beh 1988; 17:349-363.. Crawford, M. Parenting practices in the Basque country: Implications of infant and childhood sleeping location for personality development.
4. Forbes JF, Weiss DS, Folen RA. The CO-sleeping habits of military children. Military Medicine 1992; 157:196-200.
5. Mosenkis, J The Effects of Childhood Cosleeping On Later Life Development 1998. Masters Thesis. University of Chicago. Department of Human Development James McKenna
Er bestaan geen gegevens die deze vraag kunnen beantwoorden. Maar een reeks wetenschappelijke onderzoeken toont aan dat het eigen ontwikkelingstempo van de baby, beïnvloed door zijn eigen interne behoeften zoals wakker worden, eten, getroost worden of ademen, evenveel invloed heeft op het 's nachts wakker worden en doorslapen als de plaats waar hij slaapt.
Bovendien is het interessant te zien dat indien kinderen en ouders samen slapen, de kinderen voor het grootste deel niet waargenomen worden door de ouders en het kind terug in slaap valt als hij de "aanwezigheid" van de ouder voelt, zonder de ouder wakker te maken. De vraag over "doorslapen" wordt hier dus minder relevant.
Jaren geleden bemerkte Dr. Tom Anders dat baby's 's nachts gedurende korte periodes wakker worden zonder dat de ouders dit merken, zelfs als ze alleen in een bedje slapen. Sommige baby's vallen gewoon terug in slaap, terwijl andere, waarschijnlijk met andere behoeftes en gevoeligheden, wakker zullen worden en hun nood aan contact aan de ouder "signaleren". Als kinderen dit zouden doen (een signaal geven aan hun ouders) dan is dit niet noodzakelijk een teken van onvolwassenheid, koppigheid of een poging tot manipulatie. Het is interessant te weten dat laboratoriumonderzoeken uitwijzen dat de gemiddelde duur van de wakkere periodes van moeder en kind bij het samen slapen korter zijn dan die van de moeder en het kind dat in een ander kamer slaapt en die men moet gaan troosten vooraleer terug in slaap te vallen. Een beetje informatie kan hier helpen: vanuit een biologisch perspectief is het goed dat baby's tijdens hun eerste levensjaar 's nachts wakker worden. Hoewel baby's geconditioneerd kunnen worden om lang en alleen te slapen zonder tussenkomst van de ouder, en zodoende de culturele verwachting vervullen om door te slapen, het feit blijft dat ze niet gemaakt zijn voor dit gedrag en het is misschien niet in hun eigen biologisch of psychologisch belang. De doelen en noden van de ouders doen hen het gedrag van hun kind verschillend interpreteren, zo ook het 's nachts wakker worden. Veel ouders maken zich bijvoorbeeld geen zorgen over het 's nachts ontwaken omdat, zeker als de baby naast hen slaapt, de baby tevreden is en niet zo gemakkelijk wakker zal worden en angstig zal blijven.
Bron: http://www.nd.edu/~alfac/mckenna/faq.htmlDe laatste tijd worden de waarden van onze wetenschappelijke, medische maatschappij overduidelijk gemaakt: men is eerder voorstander van het zuigen op fopspenen dan aan borsten, eerder van apart laten slapen van moeder en kind dan de omstandigheden vermijden die risico's kunnen zijn bij samen slapen. Er is spake van het weggooien van de baby met het badwater, hoe zit het met wegdoen van bedden, flessen, fopspenen, en gevaarlijke slaapomstandigheden, en het behouden van moeder, baby, en borstvoeding (zonder spenen)- zoals het biologisch gezien bedoeld is?. Wat we horen, reflecteert de sterke persoonlijke interpreterende voorkeuren van de goedbedoelende onderzoekers, en simplistische verklaringen en actieplannen die ontstaan zijn uit behoorlijk specifieke sociale ideologieën en culturele aannames. Die laten, ongelukkigerwijs, weinig ruimte voor alternatieve verklaringen of andersoortige adviezen voor uitvoering, die gelijkwaardige wetenschappelijke en verwante antwoorden reflecteren.
Maar, er is veel hoop en cynisme en wanhoop is niet nodig. De wereld is anders dan hij tien jaar geleden was. Professionals én ouders hebben toegang tot een veel breder gebied van wetenschappelijke informatie. Dit betekent dat, terwijl veel kwesties correct bekend gemaakt worden als ingewikkelder en minder simplistisch en misschien geen enkele eenduidige oplossing kennen, zulke informatie grotere mogelijkheden biedt om tegenargumenten te vinden. Dit kan instituten uitdagen die voorheen alleen maar dicteerden wat ouders zouden moeten denken en doen. Deze informatie staat ouders én professionals toe om beter tegemoet te komen aan specifieke familiebehoeften met de best mogelijke patronen van kinderzorg. Ik geloof dat we de dagen van "één maat past iedereen"-benadering achter ons kunnen laten, vooral als we kijken naar voedings- en slaapkwesties. Wees hier blij mee! Ga de uitdaging aan. Toegang tot informatie laat inadequate conclusies of aanbevelingen van het beleid van instituten, die behoorlijk effectief uitgedaagd kunnen worden toe, in wetenschappelijke termen. Laat je stem horen en zorg voor goedberedeneerde reacties en gevoelige kritiek. Maak gebruik van je eigen ervaringen om voor te lichten. Het is ieders verantwoordelijkheid om dit te doen, inclusief de verantwoordelijkheid van de ouders.
Bron: http://www.nd.edu/~alfac/mckenna/reflections.html
James J. McKenna is Professor Biologische Antropologie en staat aan het hoofd van het 'Moeder en baby slaaplaboratorium' aan de Universiteit van Notre Dame, Indiana, VS.
Website: http://www.nd.edu/~alfac/mckenna